Analyse: waarom jouw reis-eSIM traag aanvoelt

zondag, 16 augustus 2026 (20:00) - GadgetGear.nl

In dit artikel:

Onderzoek van Ookla, het bedrijf achter Speedtest.net, laat zien dat de kwaliteit van een reis-eSIM sterk afhangt van de plek waar de aanbieder het mobiele verkeer op internet laat uitkomen. Reizigers worden wel met een lokaal netwerk verbonden, maar hun data gaat vaak eerst naar een centraal knooppunt in het thuisland van de groothandel. Daardoor kunnen verzoeken vanuit Tokio bijvoorbeeld via Madrid lopen.

Dat verschil is vooral zichtbaar in de latentie. Op hetzelfde Japanse netwerk mat Ookla een mediane reactietijd van 54 milliseconden bij lokale internettoegang, tegenover 543 milliseconden via Madrid. In extreme gevallen was de vertraging dertig keer groter dan bij een lokale gebruiker. Downloadsnelheden veranderen daardoor niet noodzakelijk sterk, maar videobellen, navigatie, betaalapps en tweestapsverificatie reageren merkbaar trager.

Volgens Ookla bedienen twaalf groothandelsnetwerken het grootste deel van de reis-eSIM-markt. Daarbij zit ook KPN, naast onder meer Orange, Proximus, BICS, Telna en Transatel. Een onbekend eSIM-merk kan zijn verkeer dus via Nederlandse infrastructuur laten lopen. Aanbieders met ‘local breakout’, waarbij het verkeer ter plaatse het internet op gaat, presteren beter, maar vermelden die informatie zelden duidelijk. Ookla zag bovendien snelheidsplafonds: betaalde pakketten kwamen vaak rond 6 Mbit/s uit en gratis diensten rond 0,2 Mbit/s; ‘onbeperkt’ betekent doorgaans een beperkte snelheid.

Voor reizen binnen de Europese Unie, IJsland, Noorwegen, Liechtenstein, Oekraïne en Moldavië is een extra eSIM meestal onnodig, omdat Nederlandse bundels daar onder ‘roam like at home’ werken. Wel kunnen providers bij zeer ruime bundels fair-use-limieten en toeslagen hanteren. Het Verenigd Koninkrijk en bestemmingen zoals de VS, Japan, Thailand en Turkije vallen daarbuiten; daar kan een reis-eSIM vaak voordeliger zijn.

Omdat aanbieders meestal niet aangeven waar het verkeer wordt afgehandeld, adviseert het onderzoek om de voorwaarden te controleren op ‘local breakout’ of een lokaal IP-adres. Na aankomst kan een pingtest duidelijkheid geven: boven 200 milliseconden wijst waarschijnlijk op een omweg. De metingen zijn gebaseerd op vrijwillige Speedtest-gebruikers en Ookla heeft commerciële banden met telecombedrijven, maar de grote verschillen zijn volgens de analyse niet aan meetruis toe te schrijven.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Chris Woerts verwacht niet veel van Marco van Basten-serie BASTA: 'Net groeiend gras, zó saai!'