TCL gaat Sony TV's produceren en verkopen
In dit artikel:
TCL, lang gezien als prijsvechter maar met eigen displayfabrieken en veel innovatie, heeft een niet-bindende overeenkomst met Sony om een joint venture op te zetten. In die constructie neemt TCL 51% van de aandelen, Sony 49%. TCL krijgt daarmee toegang tot Sony‑merken zoals Bravia, bijbehorende patenten en zelfs Sony’s audiolabels, zodat het onder die merknamen tv’s, monitoren en thuis‑audio kan maken en distribueren.
Sony kampt al jaren met het ontbreken van eigen displayfabrieken en eigen chipsets; veel productie liep via derden zoals TPV. Daardoor verliest het Japanse bedrijf marktaandeel en grip op het premiumsegment — een situatie die TCL juist kan benutten omdat het in China veel dure componenten zelf kan produceren en zo een prijs‑ en schaalvoordeel creëert voor producten met een Sony‑badge.
Historisch was AV‑hardware een hoeksteen van Sony (denk aan CD en Blu‑ray, patenten gedeeld met Philips), maar in 2026 is dat segment aan het verschuiven: gaming (PlayStation) en fotografie blijven relatief puur Sony, terwijl audio, automotive en content steeds meer buiten Sony’s directe controle komen. De joint venture zou Sony snel weer zichtbare productfeatures kunnen bieden, maar het risico bestaat dat het merk steeds meer een licentieproduct wordt. Dit past in een bredere trend van consolidatie en merklicenties in de techwereld, met mogelijke politieke en regulatoire aandacht voor Chinese betrokkenheid bij strategische elektronica.